Gebroken beloftes
Rijke landen moeten zich meer inspannen om hun toezeggingen voor hulp aan armere landen na te komen. Dat staat in het jaarlijkse Development cooperation rapport van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO). Volgens het rapport lijkt het erop dat de omvang van de ontwikkelingshulp van rijke landen in 2006 lager is uitgekomen dan in het jaar daarvoor. Met ontwikkelingshulp was in 2005 een recordbedrag gemoeid van 106,8 miljard dollar (81,5 miljard euro).De omvang steeg van 2004 naar 2005 met 26 mld. dollars, maar hiervan was 22,7 mld. aan schuldverlichting voor Irak en Nigeria. Beide landen niet zo zeer vanwege de armoedesituatie, maar vooral politiek geinspireerd. Irak spreekt voor zich. Maar Nigeria was ook politiek, omdat dit een makkelijke manier was om het niveau van de ontwikkelingshulp te verhogen. En erg goedkoop, omdat het vooral een boekhoudkundige streep is door een boekhoudkundige schuld. Nigeria betaalde tenslotte al jaren niet, was een slechte debiteur en niemand verwachtte dat dit geld ooit zou worden terugbetaald. Dus een afschrijving van een slechte schuld, die zogenaamd leidt tot miljarden meer uitgaven aan ontwikkelingssamenwerking zonder dat ook echt nieuwe miljarden worden overgemaakt naar Afrika. Miljarden die helemaal niets bijdragen aan het oplossen van het mondiale armoedeprobleem. Een farce dus, ondanks tranentrekkende argumenten van clubs als Jubilee.
Rijke landen hebben beloofd dat in 2010 130 miljard dollar aan ontwikkelingshulp zal worden besteed. In dat jaar moet de hulp aan Afrika zijn verdubbeld. De uitdaging wordt om dit te gaan halen, niet met schuldverlichting dat niets oplevert, maar met nieuw geld in de begrotingen van vooral de Europese landen. Dat nieuwe geld dat voor vele jaren beschikbaar is en wordt uitgegeven aan plannen van ontwikkelingslanden zelf die wel bijdragen aan de bestrijding van armoede is niet gemakkelijk te vinden. Helemaal niet met de vergrijzing op komst die in sommige Europese landen, zoals Duitsland en Italie, moet worden gefinancierd uit lopende begrotingen (anders dan in Nederland via de pensioenfondsen). De opmerking van de OESO dat het lijkt dat de uitgaven aan ontwikkelingssamenwerking in 2006 weer dalen is dus een zeer negatief teken aan de wand dat de beloftes niet zullen worden waargemaakt. Schuldverlichting heeft geleid tot 26 mld. meer geld voor ontwikkelingssamenwerking in 2005, maar daarna zakt het gewoon weer terug. Mooie woorden voor 2010 zullen niet bewaarheid worden. Dus een belangrijke rol voor maatschappelijke organisaties om regeringsleiders in Duitsland, VK, Frankrijk, Italie en Spanje te houden aan de beloftes, en niet langer te laten vullen met de holle cijfers van schuldverlichting.
Geef jouw mening!: