IMF in crisis
Het Internationaal Monetair Fonds is in crisis. Bijna niemand wil meer van het Fonds lenen. In 2001 leek de situatie zo anders. Brazilië en Argentinië sloten leningen af van tientallen miljarden. De jaren daarvoor waren ook goede jaren voor het IMF vanwege de crisis in Azië en Rusland. Maar die tijd is voorbij. De enige omvangrijke klant van het Fonds is Turkije en verder vooral arme ontwikkelingslanden. Ze hebben nog maar 33,6 miljard dollar uitstaan aan leningen. Dat is een derde van wat het drie jaar geleden nog was en de laagste stand sinds begin jaren tachtig. De kleine crisis hiervan is dat het IMF zijn eigen kosten niet meer kan betalen en een begrotingstekort kan gaan ontstaan van 300 mln. ten opzichte van een jaarbudget van 900 miljoen. De grote crisis is dat het IMF een legitimiteitsprobleem heeft. Dat vonden andersglobalisten al jaren, want ontwikkelingslanden hebben amper iets te vertellen. Dat geldt voor de groten, zoals China en India, als voor de kleintjes. De VS en Europa bepalen de koers. Lees mijn artikel in de Internationale Spectator. Natuurlijk wordt geprobeerd de crisis te vermijden. De managing director van het IMF, Rato, heeft afgelopen weekend voorstellen gelanceerd om de organisatie beter in balans te krijgen. Een aantal voorstellen lijken heel zinnig. Het begrotingstekort kan worden gedicht door een beetje van enorme goedvoorraad te verkopen. Het fonds moet beter haar lidstaten gaan surveilleren en dienen als platform om te spreken over onevenwichtigheden in de economie. Heel goed, want dat vindt nu vooral in de G-8 plaats. De dwingende rol van het Fonds blijft natuurlijk zwak. De VS zal echt haar begrotings- en handeltekort niet aanpassen omdat het IMF of andere lidstaten dit zeggen. Ook China zal haar wisselkoers van de Yuan echt niet aanpassen. Maar goed, spreken is beter dan helemaal niets. De grootste uitdaging zit in de verandering van de vertegenwoordiging. Rato heeft een aantal voorstellen gedaan om de grote en kleine ontwikkelingslanden meer invloed te geven. Er zijn twee spelers die hierin essentieel zijn: de VS en Europa, de oude machten. De VS zou mogelijk haar de facto veto moeten gaan opgeven. Europa zou een aantal stoelen in de raad van bestuur moeten opgeven. Voor beide pijnlijk, maar de baas zijn van een irrelevante organisatie is ook weinig zinvol. De grote ontwikkelingslanden hebben afgelopen weekend (zie communique) deels hun zin gekregen door een ad hoc verhoging van het stemrecht. De kleine ontwikkelingslanden blijven wachten. Waarschijnlijk betekent dit alles het einde van de Nederlandse stoel, want ook wij zijn een kleintje. Laten we deze gewoon opgeven, maar dan keihard inzetten op drie of vier roulerende Europese stoelen, en als tegenprestatie de opheffing van het veto van de VS eisen. Liever vol in de aanval dan wachten tot het onvermijdelijke!Geef jouw mening!: